Gesluierd: uiterst langzaam gespeeld stuk in Ges


Free counter and web stats
Citer


Citers zijn snaarinstrumenten waarbij de snaren over de hele lengte van de klankkast van het instrument lopen. De klankkast is uiteenlopend van vorm. In Afrika kom je de trogciter tegen. Dit instrument bestaat uit een uitgehold stuk hout met één snaar. Deze snaar gaat een aantal keer heen en weer over de trog. Bij de buisciter (komt o.a. voor in Oceanië) heeft de klankkast de vorm van een buis. Soms zijn de snaren uit de buis gesneden (hoewel je dan niet van echte snaren kunt spreken), soms worden ze er apart op bevestigd. De snaren lopen bij buisciters over twee kammen (kleine verhogingen op de buis). Een aantal buisciters bij elkaar samengebonden tot een vlot heet een vlotciter. Onder het instrument kan een aparte resonator zitten. De stokciter is een citer waarbij de snaar over een stok wordt gespannen. Er is een resonator aanwezig en het instrument heeft frets. In het Verre Oosten zie je citers waarbij de snaren over een licht gebogen plank lopen. Deze instrumenten hebben vaak verplaatsbare kammen en worden met een plectrum bespeeld.
In Europa komen twee vormen citers het meest voor: rechthoekig en in de vorm van een trapezium. De plank waarover de snaren lopen is plat of lichtgebogen en vormt de bovenkant van een resonansdoos. De belangrijkste citer in de Middeleeuwen was het psalterium, ontstaan uit een citer uit het Midden-Oosten. In de 18e en 19e eeuw kwamen minder gebruikelijke instrumenten voor. De aeolusharp had snaren die allemaal even lang waren, maar van verschillende diktes. Het instrument liet akkoorden horen als het op de tocht werd gezet. De aeolusharp werd in feite door de wind bespeeld. De naam van het instrument komt van de Griekse god Aeolus, de god van de wind. Het instrument was vooral populair van het begin van de 17e tot het eind van de 19e eeuw.
Het hakkebord was een plankciter die met hamertjes of stokken werd geslagen. Het hakkebord had de vorm van een trapezium. Over het ontstaan is weinig zekerheid. In de 12e eeuw moet het instrument al bestaan hebben in Midden-Oosten. Aan het begin van de 15e eeuw komt het hakkebord ook in Europa voor. Van de 17e tot de 19e eeuw was het erg populair in Europa. De moderne concertciter heeft metalen melodiesnaren en begeleidingssnaren die van darm worden gemaakt. De melodiesnaren lopen over frets. Ze worden getokkeld met een plectrum.