Muziekdoos: Vrouwelijke musicus


Free counter and web stats
Viool


Viool Uit instrumenten als de viola, vedel en rebec is de viool ontstaan, in de 16e eeuw. Het instrument is weinig veranderd in de loop van de tijd. Het heeft vier snaren, klankgaten in de vorm van een f en stemschroeven aan de zijkant. In tegenstelling tot de viola heeft de viool geen frets. Een bekende vioolbouwer was Stradivarius (1644 -1737). Hij heeft meer dan duizend violen, altviolen en cello's gemaakt. Enkelen daarvan bestaan nog.
Hoe ziet de viool eruit? Zie het plaatje links. Bovenaan bij cijfer 1 bevindt zich de krul. Die zit er alleen maar voor de sier. Bij cijfer 2 de stemschroeven. Zie het stuk snaarinstrumenten algemeen. Het kielhoutje (3) is een verhoging op de bovenkant van de toets (4) en zorgt ervoor dat de snaren de toets niet raken. De toets bevindt zich voor een deel op de hals (5) en voor een deel op de klankkast (6). De snaren worden op de toets gedrukt om de toonhoogte te regelen. De klankkast zorgt voor versterking van het geluid. De trillingen gaan via de kam (7) naar de klankkast. Aan het staartstuk (8) worden de snaren vastgemaakt. Op plaats 9 zit de kinhouder (op het plaatje niet te zien).
Violen worden in verschillende afmetingen gebouwd. De meest gangbare is de hele of 4/4 viool. Een overzicht van de verschillende typen:

Viooltype Maat in cm (van staartstuk tot krul)
4/458,4
3/455,9
1/250,8
1/447,0
1/841,9
1/1635,6
Ook de altviool, cello en contrabas worden in verschillende afmetingen gebouwd.