Decrescendo: de D sterker spelen


Free counter and web stats
Vedel


De vedel is een voorganger van de viool. De vedel kwam in verschillende vormen en afmetingen voor in Afrika, Azië en Europa. Er zijn twee basisvormen: de spike-vedel met een lange hals en de korthalsvedel. De hals van de spike-vedel doorboort de romp en komt er aan de andere kant weer uit. Het instrument wordt verticaal vastgehouden en rust op de knie. De korthalsvedel wordt ongeveer horizontaal gehouden en rust tegen de borst, schouder of hals van de speler. De strijkstokken zijn verschillend. Heel vroeger waren ze gebogen, aan het eind van de Middeleeuwen waren ze recht, zoals de strijkstok van de viool. Het aantal snaren kan ook verschillen. Sommige vedels hebben er maar één of twee, anderen hebben 3 of 4 gestreken snaren plus eventueel een aantal meetrillende snaren.
Uit de vedel ontwikkelde zich de lira da braccio (rechts) en de lira da gamba. Deze instrumenten lijken veel op de moderne viool. De lira da braccio werd tegen de linkerschouder gehouden, de grotere lira da gamba tussen de knieën van de speler. De lira da braccio heeft vijf gewone snaren en twee basssnaren. Bij de lira da gamba kan het aantal gewone snaren oplopen tot vijftien.
Weer een ander strijkinstrument was de rebec. Dit instrument had een kleine, peervormige romp met een rond achterblad en een korte hals. De romp werd uit één stuk hout gemaakt. Vooral in de Middeleeuwen en de Renaissance was dit instrument erg populair. Hieronder een rebec.
Rebec
Lira da braccio