Händel: Duits, meervoud van handel


Free counter and web stats
Saxofoon


Baritonsax Ongeveer halverwege de 19e eeuw bouwde de Belgische instrumentbouwer Adolphe Sax een blaasinstrument met een enkelriet: de saxofoon. Er bestaan veel verschillende soorten saxofoons (vroeger 14, tegenwoordig maar 8). Van klein naar groot: sopranino, sopraan, alt, tenor, bariton, bas, contrabas en subcontrabas. Links een plaatje van een baritonsaxofoon, rechts een altsaxofoon en een tenorsaxofoon (niet in verhouding). De saxofoon is een beetje een bastaardinstrument. Het heeft een mondstuk van een klarinet, en de buis is van boven smal en wordt naar onderen toe steeds wijder, zoals bij de hobo. Bovendien heeft het een enkel riet (klarinet). Zoals op de plaatjes te zien is zijn saxofoons van koper. Toch worden ze tot de houten blaasinstrumenten gerekend, omdat ze op dezelfde manier bespeeld worden. Altsaxofoon Tenorsaxofoon
Sopraansaxofoon Saxello De drie afgebeelde saxofoons komen vooral voor in bands. De sopraansaxofoon zie je vooral in jazzorkesten als melodie-instrument, samen met de klarinet en de trompet. De sopranino komt voor in militaire orkesten. Deze twee instrumenten zijn helemaal recht.
Er bestaan ook saxofoons die een wat minder gebruikelijke vorm hebben. Links zijn twee gebogen sopraansaxofoons te zien. De tweede wordt ook wel een saxello genoemd. Er bestaan ook rechte altsaxofoons.
In 1894 werd in Duitsland een houten instrument gemaakt dat op de klarinet, de saxofoon en de fagot lijkt: de octavin (plaatje rechts). Dit instrument had een klank die leek op dat van de sopraansaxofoon. Het werd maar weinig gebruikt.
Tubax
Drie saxofoons die je maar heel zelden tegenkomt vormen de uitersten van de saxofoonfamilie. Ze worden gebouwd bij Eppelsheim in München. De kleinste is een saxofoon die een half octaaf (= 4 tonen) hoger komt dan de sopranino-saxofoon. De andere twee saxofoons staan allebei bekend als de tubax. De "kleine" tubax (links) is eigenlijk een contrabassaxofoon, de grote een subcontrabassaxofoon. De klank gaat in de richting van de klank van een contrabassarrusofoon en bij bepaalde tonen dat van een contrafagot. Het mondstuk is dat van een baritonsaxofoon. Om het instrument hanteerbaar te houden is de buis een paar keer omgebogen. Het instrument links is niet hoger dan 115 cm, maar de lengte is een stuk groter.

De aulochrome (rechts) kun je het beste omschrijven als een dubbele sopraansaxofoon. De naam is een samentrekking van "aulos" (Grieks blaasinstrument uit de oudheid) en "chrome" (chromatisch: term uit de muziekleer / chroom: de kleur van het instrument). Dit instrument is ontwikkeld door François Louis en voor het eerst gebruikt in oktober 2002.
Aulochrome


Jan de Haan - Banja Luka
Jan de Haan - Banja Luka